← Terug naar de blog
🇮🇹Italiaans

Dagen van de week in het Italiaans: complete gids met uitspraak en herkomst

Door SandorBijgewerkt: 31 maart 20269 min leestijd

Snel antwoord

De dagen van de week in het Italiaans zijn lunedì (maandag), martedì (dinsdag), mercoledì (woensdag), giovedì (donderdag), venerdì (vrijdag), sabato (zaterdag) en domenica (zondag). In het Italiaans krijgen dagen geen hoofdletter, de week begint op maandag en alleen domenica is vrouwelijk.

Het korte antwoord

De zeven dagen van de week in het Italiaans zijn lunedì, martedì, mercoledì, giovedì, venerdì, sabato, en domenica. Ze krijgen nooit een hoofdletter, de week begint op maandag, en er is één belangrijke bijzonderheid: domenica (zondag) is de enige vrouwelijke dag, terwijl alle andere mannelijk zijn.

Italiaans wordt volgens Ethnologue-data uit 2024 door ongeveer 68 miljoen moedertaalsprekers gesproken, vooral in Italië, San Marino, delen van Zwitserland en Italiaanse diasporagemeenschappen wereldwijd. Als directe afstammeling van het Latijn bewaart het Italiaans het oude Romeinse planetaire naamgevingssysteem duidelijker dan bijna elke andere Europese taal.

"Italian is the closest living language to Latin, and nowhere is this more visible than in the days of the week, where the planetary gods of Rome still govern the calendar."

(Accademia della Crusca, Vocabolario)

Deze gids behandelt elke dag met uitspraak, etymologie, grammaticaregels en culturele inzichten, zodat je ze natuurlijk gebruikt in gesprekken.


Alle 7 dagen in één oogopslag

Let op het duidelijke patroon: maandag tot en met vrijdag eindigen allemaal op -dì (van het Latijnse dies, dat "dag" betekent), met het accent dat de klemtoon op de laatste lettergreep aangeeft. Zaterdag en zondag doorbreken dit patroon volledig.


Planetaire oorsprong: de Romeinse erfenis in elke dag

De Italiaanse namen voor weekdagen zijn een van de meest transparante vensters op de oude Romeinse kalender in de moderne wereld. Het verband tussen het Italiaanse woord en het Latijnse origineel is vaak meteen duidelijk.

Lunedì

Lunedì komt van het Latijnse Lunae dies (dag van de maan). Het Italiaans gebruikt nog steeds luna voor "maan" en lunare voor "maan-", waardoor de herkomst glashelder is. Het Nederlandse equivalent, "maandag", volgt dezelfde logica als "dag van de maan".

Maandagen in Italië hebben geen speciale bijgeloven, maar ze markeren wel het begin van de Italiaanse werkweek. Veel musea en monumenten in Italië zijn op maandag gesloten (chiuso il lunedì), een patroon dat veel toeristen verrast.

💡 Museump tip voor reizigers

De meeste Italiaanse staatsmusea en archeologische sites zijn op maandag gesloten. Plan je reis naar Italië, plan je museumbezoeken dan van dinsdag tot en met zondag. Bekende uitzonderingen zijn het Colosseum en de Vaticaanse Musea, die hun eigen schema's hebben.

Martedì

Martedì is afgeleid van Martis dies (dag van Mars), de Romeinse oorlogsgod. De Italiaanse naam voor de planeet Mars is Marte, en de maand maart is marzo, allebei met dezelfde wortel.

Net als in Spaanstalige landen geldt martedì 17 (dinsdag de 17e) in Italië als ongeluksdag. Het Italiaanse spreekwoord waarschuwt: "Né di Venere né di Marte, non si sposa e non si parte", met de betekenis: niet op de dag van Venus (vrijdag) en niet op de dag van Mars (dinsdag) moet je trouwen of vertrekken.

Mercoledì

Mercoledì komt van Mercurii dies (dag van Mercurius), de god van handel, reizen en communicatie. Het woord mercato (markt) heeft dezelfde wortel, en koppelt handel en Mercurius ook taalkundig.

Uitspraaknoot: mercoledì heeft vier lettergrepen (mehr-koh-leh-DEE), met klemtoon op de laatste lettergreep. De "c" voor "o" is hard, zoals een "k".

Giovedì

Giovedì stamt af van Iovis dies (dag van Jupiter, of Jove). Het Italiaans bewaart uniek de vorm "Jove" als Giove, de naam voor zowel de god als de planeet Jupiter. In het Nederlands komt "donderdag" niet van Jupiter, maar van donder, terwijl andere Germaanse talen vaak een godenvervanging hebben.

De Italiaanse "gi" spreek je uit als een zachte "j" zoals in het Engels, waardoor giovedì klinkt als "joh-veh-DEE."

🌍 Giovedì Grasso: vette donderdag

Hoewel veel mensen Mardi Gras (vette dinsdag) kennen, viert Italië Giovedì Grasso (vette donderdag) als de officiële start van het carnavalsseizoen. In Venetië is dit het moment waarop het beroemde Carnevale di Venezia begint met uitgebreide maskers, kostuums en festiviteiten. Daarna gaat het feest door tot Martedì Grasso (vastenavond).

Venerdì

Venerdì komt van Veneris dies (dag van Venus), de godin van liefde en schoonheid. Het Italiaanse woord voor de planeet Venus is Venere, en het bijvoeglijk naamwoord venerdiano (van of met betrekking tot vrijdag) komt soms voor in literair Italiaans.

Vrijdag de 17e (venerdì 17), niet vrijdag de 13e, is de ongeluksdag in de Italiaanse cultuur. Het bijgeloof rond 17 gaat terug op het Romeinse cijfer XVII, dat je kunt herschikken tot VIXI ("ik heb geleefd", met de implicatie van dood).

Sabato

Sabato doorbreekt het planetaire patroon. Het komt van het Hebreeuwse Shabbat (שַׁבָּת) via het Latijnse Sabbatum. Het Nederlandse "zaterdag" heeft een andere herkomst, maar in het Italiaans, net als in het Spaans en Frans, nam men de religieuze term over.

Sabato is in veel Italiaanse huishoudens de dag van fare la spesa (boodschappen doen). De markt op zaterdagochtend is een hoeksteen van het Italiaanse leven, vooral in kleinere plaatsen.

Domenica

Domenica komt van het Latijnse dies Dominica (dag van de Heer). Het is de enige vrouwelijke dag van de week, en dat beïnvloedt lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden: la domenica (op zondagen), domenica scorsa (afgelopen zondag), domenica prossima (volgende zondag).

Zondag in Italië draait om twee dingen: kerk en de pranzo della domenica (zondagslunch). De zondagsmaaltijd met de uitgebreide familie blijft een diep belangrijke culturele traditie, zelfs in moderne, seculiere Italiaanse huishoudens. Het is vaak de langste en meest uitgebreide maaltijd van de week.


Grammatica: hoe je dagen in zinnen gebruikt

Het Italiaans heeft specifieke grammaticaregels voor dagen van de week die op belangrijke punten verschillen van het Nederlands.

Geen hoofdletters

De Accademia della Crusca bevestigt dat dagen van de week gewone zelfstandige naamwoorden zijn in het Italiaans. Ze krijgen nooit een hoofdletter, behalve aan het begin van een zin.

  • Ci vediamo mercoledì. = We zien elkaar op woensdag.
  • Mercoledì ci vediamo. = Op woensdag zien we elkaar. (alleen hoofdletter aan het begin van de zin)

"Op maandag": geen voorzetsel nodig

Voor een specifieke, eenmalige gebeurtenis gebruik je gewoon de dagnaam, zonder lidwoord of voorzetsel.

  • Parto venerdì. = Ik vertrek op vrijdag.
  • L'esame è giovedì. = Het examen is op donderdag.

Voor gewoontes (elke week) voeg je het bepaald lidwoord toe.

ConstructieBetekenisVoorbeeld
lunedì (geen lidwoord)Deze maandag / komende maandagArrivo lunedì. (Ik kom maandag aan.)
il lunedì (met lidwoord)Elke maandagIl lunedì lavoro da casa. (Op maandagen werk ik thuis.)
di lunedì (met di)Elke maandag (alternatief)Di lunedì vado in palestra. (Op maandagen ga ik naar de sportschool.)

Zowel il lunedì als di lunedì drukken een gewoonte uit. Je kunt ze allebei gebruiken, al is il lunedì iets gebruikelijker in standaard Italiaans.

Geslacht: de uitzondering van domenica

Maandag tot en met zaterdag zijn mannelijk: il lunedì, il martedì, il mercoledì, il giovedì, il venerdì, il sabato. Alleen domenica is vrouwelijk: la domenica.

Dit is belangrijk voor bijvoeglijke naamwoorden:

  • sabato scorso = afgelopen zaterdag (mannelijk)
  • domenica scorsa = afgelopen zondag (vrouwelijk)
  • il prossimo venerdì = volgende vrijdag (mannelijk)
  • la prossima domenica = volgende zondag (vrouwelijk)

💡 Ezelsbruggetje voor het geslacht

Eindigt de dag op -dì, dan is hij mannelijk. Eindigt hij op -a (domenica), dan is hij vrouwelijk. Sabato eindigt op -o en is ook mannelijk. Dit dekt alle zeven dagen zonder uitzondering.


De weekindeling: maandag eerst

Italië volgt de Europese standaard waarbij de week op maandag begint. Het Italiaanse woord voor "week" is settimana (van het Latijn septimana, "een periode van zeven"), en het is vrouwelijk: la settimana.

  • Werkweek: dal lunedì al venerdì (van maandag tot vrijdag)
  • Weekend: il fine settimana of il weekend (het leenwoord wordt veel gebruikt in Italië)
  • Midden in de week: a metà settimana (midden in de week, meestal woensdag)

Italiaanse kalenders tonen lunedì altijd in de eerste kolom. Dit is consistent in heel Italië en in Italiaanstalig Zwitserland (Ticino).


Handige zinnen met dagen van de week


Maanden van het jaar: een snelle referentie

Omdat datums dagen en maanden combineren, staan hier de 12 maanden in het Italiaans. Net als de dagen krijgen ze nooit een hoofdletter en zijn ze allemaal mannelijk.

Italiaanse datums gebruiken het format: il + nummer + maand. Bijvoorbeeld: il 25 dicembre (25 december). De eerste van de maand kan met il primo (de eerste) of gewoon l'uno (de één): il primo gennaio of l'uno gennaio (1 januari).


Culturele notities: hoe dagen het Italiaanse leven vormen

Het Italiaanse weekritme

Het Italiaanse leven volgt een herkenbaar weekpatroon. De werkweek loopt van maandag tot vrijdag, met veel bedrijven die sluiten voor een lange lunchpauze (pausa pranzo) tussen ongeveer 13:00 en 15:30. Zaterdagochtenden zijn vaak voor boodschappen op lokale markten, en zondag is voor familie en rust.

Ferragosto en de uitzondering van augustus

Hoewel het niet specifiek een dag van de week is, verdient Ferragosto (15 augustus) een vermelding omdat het het hele land praktisch stillegt, ongeacht op welke dag het valt. De meeste Italianen nemen vakantie in de weken rond deze datum, en veel bedrijven sluiten voor de hele tweede helft van augustus.

🌍 De traditie van de passeggiata

Elke avond, vooral in het weekend, doen Italianen aan la passeggiata, een ontspannen wandeling door het centrum. Dit dagelijkse ritueel is het levendigst op zaterdag- en zondagavond en is een van de simpelste manieren om echte Italiaanse cultuur te ervaren. Je hoeft geen vloeiend Italiaans te spreken om mee te doen, loop gewoon mee, kijk om je heen, en stop misschien voor een gelato.


Oefenen met echte Italiaanse content

Woordenlijsten lezen legt je basis, maar lunedì en venerdì horen in de flow van echte Italiaanse gesprekken zorgt dat ze blijven hangen. Italiaanse films en series zitten vol met planningsscenes, afspraken maken en gesprekken over wekelijkse routines.

Wordy laat je Italiaanse films en series kijken met interactieve ondertitels. Tik op een woord om meteen de betekenis, uitspraak en grammaticadetails te zien. In plaats van woorden los te stampen, leer je ze in de context van authentiek Italiaans.

Voor meer hulpmiddelen om Italiaans te leren, bekijk onze blog met gidsen over alles, van begroetingen tot de beste films om Italiaans te leren. Bezoek onze pagina om Italiaans te leren om vandaag te beginnen met oefenen.

Veelgestelde vragen

Wat zijn de 7 dagen van de week in het Italiaans?
De 7 dagen zijn: lunedì (maandag), martedì (dinsdag), mercoledì (woensdag), giovedì (donderdag), venerdì (vrijdag), sabato (zaterdag) en domenica (zondag). In het Italiaans schrijf je ze niet met een hoofdletter, behalve aan het begin van een zin.
Begint de week in Italië op maandag of zondag?
In Italië begint de week op maandag (lunedì). Italiaanse kalenders, agenda’s en roosters zetten lunedì op de eerste plek. Dat volgt de Europese conventie en de internationale ISO 8601-standaard.
Hoe zeg je 'op maandag' in het Italiaans?
Voor een specifieke maandag zeg je gewoon 'lunedì' zonder voorzetsel: 'Arrivo lunedì' (ik kom maandag aan). Voor elke maandag gebruik je een lidwoord: 'il lunedì' of 'di lunedì'. Voor weekenddagen gebruik je ook het lidwoord: 'il sabato vado al mercato'.
Zijn de dagen van de week in het Italiaans mannelijk of vrouwelijk?
Maandag tot en met zaterdag (lunedì tot sabato) zijn mannelijk. Domenica (zondag) is de enige vrouwelijke dag. Dat is belangrijk voor lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden: 'il lunedì' maar 'la domenica', 'scorso sabato' maar 'scorsa domenica'.
Waarom eindigen Italiaanse dagen van maandag tot vrijdag op -dì?
Het achtervoegsel -dì komt van het Latijnse woord 'dies' (dag). Elke dag combineert de naam van een Romeinse god met 'dies': lunedì (Lunae dies, dag van de maan), martedì (Martis dies, dag van Mars), enzovoort. Het accent op de laatste -ì laat zien dat de klemtoon op de laatste lettergreep valt.
Waar komen de Italiaanse namen voor de weekenddagen vandaan?
Sabato komt van het Hebreeuwse 'Shabbat' (sabbat), dat rust betekent. Domenica komt van het Latijnse 'dies Dominica' (dag van de Heer), een christelijke vervanging van het heidense 'dies Solis' (dag van de zon). Deze twee doorbreken het planetaire naamgevingspatroon.

Bronnen en referenties

  1. Accademia della Crusca, Vocabolario degli Accademici della Crusca
  2. Istituto Treccani, Enciclopedia dell'Italiano (2011)
  3. Ethnologue: Languages of the World, item over de Italiaanse taal (2024)
  4. Maiden, M. & Robustelli, C. (2013). A Reference Grammar of Modern Italian. Routledge, 2nd edition.
  5. ISO 8601, internationale standaard voor datum- en tijdnotaties

Begin met leren met Wordy

Kijk echte filmclips en bouw je woordenschat op terwijl je kijkt. Gratis te downloaden.

Download in de App StoreDownloaden op Google PlayBeschikbaar in de Chrome Web Store

Meer taalgidsen