Getallen in het Engels 1-100: complete gids om te tellen
Snel antwoord
De Engelse getallen van 1 tot 12 zijn allemaal verschillend en moet je apart leren. Van 13 tot 19 helpt het achtervoegsel "-teen" (thirteen, fourteen...). Vanaf 20 zijn samengestelde getallen logisch: twenty-one, twenty-two... Bij rangtelwoorden zijn 1e, 2e, 3e speciaal (first, second, third), daarna komt "-th".
Engels is de meest geleerde tweede taal ter wereld: volgens Ethnologue 2024 spreken bijna 1,5 miljard mensen het als moedertaal of tweede taal. Getallen zijn een van de eerste dingen die elke leerling moet leren, prijs, tijd, telefoonnummer, datum: je ziet ze overal.
Het goede nieuws is dat het Engelse telsysteem veel eenvoudiger is dan bijvoorbeeld het Frans (waarbij 80 = “vier-twintig”). Er is geen grammaticaal geslacht, geen verbuiging, geen congruentie. De enige uitdaging is het onthouden van de basisgetallen 1-12, een paar uitspraakvalkuilen, en de onregelmatige vormen van rangtelwoorden.
"English number words are among the most morphologically transparent in the Germanic family, once the base forms are learned, the compounding rules apply with remarkable consistency."
(David Crystal, The Cambridge Encyclopedia of the English Language, 3e editie, 2019)
Deze gids neemt je mee langs alle getallen van 1 tot 100, laat de rangtelwoorden zien, de grote getallen, en toont hoe je ze in het dagelijks leven gebruikt.
Getallen 1-10: de basis
De eerste tien getallen hebben volledig unieke vormen, die moet je gewoon leren, er zit geen regel achter. Het goede nieuws is dat dit de meest gebruikte getallen zijn. Daarom blijven ze snel hangen in dagelijks gebruik.
💡 De drie lastigste uitspraken
Voor Nederlandstaligen is de grootste uitdaging three (/θriː/), omdat het Nederlands geen echte “th”-klank heeft. Leg je tong tegen of net tussen je bovenste tanden, en blaas lucht uit. Oefen stap voor stap: „th-th-three.” De andere twee valkuilen zijn: two (spreek uit: „tuː”, de 'w' is stom) en eight (spreek uit: „eet”, de 'gh' is stom).
Getallen 11-20: de -teen getallen
11 en 12 hebben unieke vormen, volledig onregelmatig. De getallen van 13 tot 19 maak je met het achtervoegsel „-teen”, maar er zijn een paar belangrijke uitzonderingen die je moet onthouden.
⚠️ De onregelmatige -teen vormen: thirteen, fifteen, eighteen
Drie getallen wijken af van het verwachte patroon. Thirteen is niet threeteen, het woord three wordt ingekort. Fifteen is niet fiveteen, five wordt fif-. Eighteen is niet eightteen met dubbele t, je schrijft het met één t. Leer deze apart, want dit zijn de meest voorkomende fouten.
Tientallen: van 20 tot 90
De naam van twintig is uniek, maar daarna is het patroon volledig consistent. Je moet elk tiental leren, maar samengestelde getallen maak je daarna eenvoudig met een koppelteken.
⚠️ De meest voorkomende Engelse spelfout: 'fourty'
Veertig is in het Engels forty, niet fourty. Het komt van four, maar in de tientalvorm verdwijnt de 'u'. Het Merriam-Webster woordenboek en de Oxford English Dictionary zijn het eens: alleen forty is correct. Dit is een van de meest voorkomende fouten, ook bij moedertaalsprekers.
Getallen 21-99: samengestelde getallen
Tientalvorm + koppelteken + enkelvoud: dit patroon werkt consequent in het hele bereik 21-99. Dit is een punt waarop Engels wiskundig logischer is dan veel andere Europese talen.
De regel is eenvoudig: tiental + koppelteken + eenheid.
| Nederlands | Engels | Uitspraak |
|---|---|---|
| eenentwintig | twenty-one | /ˌtwentiˈwʌn/ |
| tweeëntwintig | twenty-two | /ˌtwentiˈtuː/ |
| drieëntwintig | twenty-three | /ˌtwentiˈθriː/ |
| vijfendertig | thirty-five | /ˌθɜːrtiˈfaɪv/ |
| zevenenveertig | forty-seven | /ˌfɔːrtiˈsevən/ |
| achtenvijftig | fifty-eight | /ˌfɪftiˈeɪt/ |
| drieënzestig | sixty-three | /ˌsɪkstiˈθriː/ |
| negenenzeventig | seventy-nine | /ˌsevəntiˈnaɪn/ |
| tweeëntachtig | eighty-two | /ˌeɪtiˈtuː/ |
| zesennegentig | ninety-six | /ˌnaɪntiˈsɪks/ |
Je schrijft het koppelteken altijd in samengestelde getallen (twenty-one, thirty-five), dat is een Engelse spellingsregel. Als je het weglaat, is dat geen zware fout in dagelijkse communicatie. In formele teksten is het wel verplicht.
💡 Klemtoon in samengestelde getallen
Bij samengestelde getallen ligt de klemtoon op het eenheidsdeel: twenty-one /ˌtwentiˈwʌn/. Dit helpt bij paren die op elkaar lijken: thirteen (13) vs. thirty (30), fourteen (14) vs. forty (40). Als je telefoneert en je hoorde iets niet goed, vraag dan altijd terug: „Did you say thirteen or thirty?"
Rangtelwoorden: first, second, third...
Rangtelwoorden geven aan op welke plaats iets staat. De eerste drie zijn volledig onregelmatig. Daarna kun je het achtervoegsel „-th” consequent gebruiken, met een paar klankaanpassingen.
⚠️ Drie onregelmatige rangtelwoorden: fifth, eighth, ninth
De meeste leerlingen vergeten deze klankaanpassingen. Fifth is niet fiveth, de 've' aan het eind wordt 'f'. Eighth is niet eightth met dubbele th, het is gewoon eighth. Ninth is niet nineth, nine verliest de stomme 'e'. Van deze drie zorgen eighth en ninth voor de meeste verwarring in spelling.
Je schrijft rangtelwoorden vaak afgekort als: 1st, 2nd, 3rd, 4th, 5th... Vanaf 21: 21st, 22nd, 23rd, 24th, 25th..., de afkorting volgt de laatste twee letters: alles dat eindigt op „first” krijgt 1st, op „second” 2nd, op „third” 3rd, de rest krijgt „th”.
Grote getallen: hundred, thousand, million
Het systeem voor grote getallen in het Engels is decimaal en consistent. Er is geen bijzonderheid zoals in het Frans. De sleutelwoorden zijn: hundred, thousand, million, billion.
🌍 Het verschil tussen Engels en Nederlands bij 'billion'
Voor Nederlandstaligen is dit belangrijk: Engels billion is niet Nederlands biljoen, maar Nederlands miljard (10⁹ = één miljard). In Brits Engels betekende billion vroeger 10¹² (één biljoen), maar tegenwoordig gebruikt Brits Engels ook het Amerikaanse systeem. Dus 10⁹ = billion is nu de norm. De Oxford English Dictionary dateert deze verandering in de jaren 1970. Dus als iemand zegt: „I have a billion dollars,” bedoelt diegene één miljard dollar, niet één biljoen.
Bij het uitspreken van grote getallen komt in Brits Engels het voegwoord „and” na de honderdtallen: two hundred and fifty-three. In Amerikaans Engels kun je „and” weglaten: two hundred fifty-three is ook correct. Beide vormen zijn begrijpelijk voor elke Engelstalige.
Getallen in alledaagse situaties
Je leert getallen echt wanneer je ze in een concrete context gebruikt. Dit zijn de meest voorkomende situaties:
Telefoonnummers, number by number
Engelstaligen zeggen een telefoonnummer cijfer voor cijfer, in groepjes: zero one seven, three four five, six seven eight nine (017-345-6789). Het cijfer „0” spreken ze in Brits Engels uit als oh. In Amerikaans Engels zeggen ze vaker zero. Zeg een telefoonnummer niet als één geheel, dat klinkt onnatuurlijk in het Engels.
Jaartallen, century split
Je spreekt jaartallen uit in groepjes van twee cijfers: 1995 → nineteen ninety-five, 2026 → twenty twenty-six. De jaren 2000-2009 zijn uitzonderingen: 2005 → two thousand and five (niet „twenty oh five”). Vanaf de jaren 2010 komt het tweecijferpatroon terug: 2010 → twenty ten, 2024 → twenty twenty-four.
Prijzen en geld, pound, dollar, cent
Bij prijzen zeg je eerst het hele getal met de munteenheid, daarna de decimalen: $15.99 → fifteen dollars and ninety-nine cents (formeel), fifteen ninety-nine (alledaags). Lees prijskaartjes in het Engels altijd zo: hele dollars/pounds + cents/pence, niet vijftien punt negenennegentig.
Maten en afstanden, feet en miles
In het Angelsaksische stelsel gebruik je foot/feet in plaats van meter, en mile in plaats van kilometer: 5 feet 11 inches (= ca. 180 cm), 26.2 miles (= ca. 42 km, de marathonafstand). Als je in een Britse of Amerikaanse context maten ziet, helpt het om de ruwe omrekeningen uit je hoofd te kennen.
🌍 Getallen in Brits en Amerikaans Engels
Er zijn een paar kleine verschillen tussen Brits en Amerikaans Engels bij het uitspreken van getallen. Waar Britten „a hundred” zeggen, zeggen Amerikanen vaker „one hundred”. In Brits Engels is „nought” nul, Amerikanen zeggen vaker „zero”. Het duizendtalscheidingsteken: Amerikanen gebruiken een komma (1,000), Britten gebruiken een spatie of punt (1 000 of 1.000). Voor decimalen gebruiken beide varianten een punt (3.14), anders dan in het Nederlands met een komma (3,14).
Oefen met echte Engelse content
Je leert getallen door regelmatig te luisteren en te herhalen. In echte Engelse content, nieuws, podcasts, films, hoor je getallen in een natuurlijke context: prijzen, datums, statistieken, telefoonnummers. Dat versnelt het onthouden.
Wordy helpt je Engelse getallen oefenen in echte situaties, met interactieve ondertitels bij Engelse films en series. Als een getal in de dialoog voorkomt, tik je erop. Dan zie je de geschreven vorm, de uitspraakopbouw, en de context. Deze methode is een van de effectiefste om je woordenschat te versterken.
Bekijk ook onze gids met de beste films om Engels te leren, met geselecteerde tips die extra geschikt zijn voor het verstaan van alledaagse Engelse woordenschat, inclusief getallen.
Veelgestelde vragen
Hoe zeg je de getallen 1 tot en met 10 in het Engels?
Hoe vorm je de getallen 13 tot en met 19 in het Engels?
Hoe tel je in tientallen in het Engels?
Hoe zeg je first, second, third, enzovoort in het Engels?
Hoe zeg je grote getallen in het Engels?
Bronnen en referenties
- Crystal, David (2019). The Cambridge Encyclopedia of the English Language. Cambridge University Press, 3e editie.
- Merriam-Webster Dictionary (2026). merriam-webster.com.
- Oxford English Dictionary (2025). oed.com.
- American Heritage Dictionary of the English Language, 5e editie (2020).
Begin met leren met Wordy
Kijk echte filmclips en bouw je woordenschat op terwijl je kijkt. Gratis te downloaden.

