← Terug naar de blog
🇬🇧Engels

De dagen van de week in het Engels, van Monday tot Sunday met uitspraak

Door Sandor2 maart 20267 min leestijd

Snel antwoord

In het Engels zijn de dagen van de week: Monday (maandag), Tuesday (dinsdag), Wednesday (woensdag), Thursday (donderdag), Friday (vrijdag), Saturday (zaterdag), Sunday (zondag). Het lastigst is de uitspraak van "Wednesday", in het Engels spreek je het uit als "WENZ-dee", de middelste "d" is stil. In Engelstalige kalenders begint de week vaak op zondag, maar in alledaagse communicatie is maandag de "eerste werkdag".

Engels is de meest gebruikte lingua franca ter wereld: volgens Ethnologue 2024 spreken bijna 1,5 miljard mensen het als moedertaal of tweede taal. De namen van de dagen zijn een van de eerste dingen die je nodig hebt als je Engels leert, roosters, afspraken, e-mails en sociale media bouwen op deze woorden.

De Engelse dagnamen komen uit twee bronnen: Germaanse mythologie (Noorse goden) en het Romeinse planetenstelsel. Dat maakt ze tegelijk bijzonder en makkelijk te onthouden. Monday (dag van de maan) en Sunday (dag van de zon) verwijzen direct naar hemellichamen. Tuesday, Wednesday, Thursday en Friday bewaren de namen van Germaanse goden, Tyr, Woden, Thor en Frigg. Saturday is een directe afstammeling van de Latijnse planeetnaam Saturnus.

"The names of the days in English preserve a fascinating blend of Roman planetary tradition and Germanic theological replacement, a linguistic fossil of two cultures meeting."

(David Crystal, The Cambridge Encyclopedia of the English Language, 3e editie, 2019)

Deze gids neemt elke dag door met uitspraak, etymologie en culturele context. Zo gebruik je ze met vertrouwen in het Engels.


De dagen van de week in het Engels, tabel


Monday, Maandag

Monday komt van het Oudengelse Mōnandæg (dag van de maan). De maan, moon, markeert in het Engels de eerste dag van de week, net als in de meeste Germaanse talen. In het Nederlands verwijst maandag ook naar de maan, dus de logica is hetzelfde.

Uitspraaktip: de klemtoon ligt op de eerste lettergreep, MUN-day, niet “mun-DAY”. Nederlandstaligen leggen soms te veel nadruk op het tweede deel. Dat klinkt onnatuurlijk voor moedertaalsprekers.

Tuesday, Dinsdag

Tuesday komt van het Oudengelse Tīwesdæg. Tyr (ook gespeld als Tiw) was de oorlogsgod in de Germaanse mythologie, een van de oudste figuren in de Noordse traditie. Het Latijnse equivalent was de dag van Mars (dies Martis), vandaar vormen als martedì, mardi, martes in Romaanse talen.

Uitspraak: TYOOZ-day. De lettergroep “TUE” verrast veel Nederlanders. Het is niet “tuu-eez-dee”, maar meer zoals “tyooz-day”, vooral in Brits Engels.

Wednesday, Woensdag

Wednesday komt van het Oudengelse Wōdnesdæg, de dag van Woden (de Scandinavische Odin). Woden is de oppergod in de Germaanse mythologie, heer van wijsheid, oorlog en de doden. De “d” in de spelling is stil. Dat maakt dit woord een bekende valkuil.

⚠️ Uitspraak van Wednesday: de stille 'd'

De uitspraak van “Wednesday” is WENZ-day /ˈwɛnzdeɪ/, niet “wed-nez-day”. De middelste “d” is volledig stil. Veel leerlingen zeggen het jaren fout, omdat de letters misleiden. De oorspronkelijke Oudengelse vorm was Wōdnesdæg. Later verdween de “d” uit de uitspraak, maar de spelling bleef.

Thursday, Donderdag

Thursday komt van het Oudengelse Þūnresdæg, de dag van Thor. Thor, god van donder en bliksem, is een van de bekendste figuren uit de Germaanse mythologie. Het Latijnse equivalent was de dag van Jupiter (dies Iovis). Beide goden hadden een vergelijkbare rol.

Uitspraakuitdaging: de “Th”-klank /θ/. Leg je tongpunt tegen je bovenste tanden en blaas lucht uit. THURZ-day. Voor Nederlanders lijkt dit op een zachte “s”, maar dan met de tong tegen de tanden. Dit is voor veel Nederlandstaligen lastig, omdat /θ/ niet in het Nederlands voorkomt.

Friday, Vrijdag

Friday komt van het Oudengelse Frīgedæg, de dag van Frigg (of Freya). Frigg was de vrouw van Odin, godin van vruchtbaarheid en liefde. Het Latijnse dies Veneris (dag van Venus) duidde dezelfde rol aan. Beide godinnen horen bij liefde en schoonheid.

Vrijdag heeft een speciale plek in de Engelstalige cultuur: het einde van de werkweek en het begin van vrije tijd. De Engelse afkorting TGIF (Thank God It's Friday, “Godzijdank, het is vrijdag”) werd een van de meest geciteerde slogans op het werk.

Saturday, Zaterdag

Saturday is de enige dag waarvan de naam direct teruggaat op een Latijnse planeetnaam: Saturnus. De Oudengelse vorm was Sæternesdæg. Anders dan bij de andere Germaanse dagnamen kwam er hier geen vervanging door een Germaanse god. De naam Saturnus bleef in het Engels.

Het Spaans en Italiaans sábado en sabato komen daarentegen van het Hebreeuwse Shabbat. Dat laat zien dat Engels en Romaanse talen via verschillende culturele routes bij dezelfde dag uitkwamen.

Sunday, Zondag

Sunday komt van het Oudengelse Sunnandæg (dag van de zon). De zon, sun, staat centraal in het zonnestelsel en was in de oudheid het belangrijkste hemellichaam. Het Latijnse dies Solis (dag van de zon) was de oorspronkelijke vorm. Een christelijke hervorming veranderde dit naar dies Dominica (dag van de Heer), Romaanse talen bewaren dat (dimanche, domingo, domenica).


Afkortingen en kalenders

In Engelse kalenders en roosters staan dagen vaak afgekort. Je ziet dit in e-mails, agenda-apps en media.

🌍 Wanneer begint de week in het Engels?

In Amerikaanse kalenders begint de week op zondag (Sunday). Daarom is Sunday in veel Amerikaanse agenda-apps de eerste kolom. Volgens de Europese ISO 8601-standaard begint de week op maandag (Monday). Dat geldt ook in het Verenigd Koninkrijk en Australië. Als je met een buitenlandse collega plant, check dan altijd welk kalenderformaat die gebruikt. Zo voorkom je misverstanden.


Handige zinnen met dagen

In het Engels heeft het gebruik van dagen een paar grammaticale punten die anders zijn dan in het Nederlands. Het belangrijkste verschil: in het Engels gebruik je geen verbuiging zoals “op maandag”. Je gebruikt het voorzetsel “on”.

“This Monday” vs. “next Monday”, belangrijk verschil

Voor Nederlandstaligen is het verschil tussen this Monday en next Monday soms verwarrend. Moedertaalsprekers bedoelen meestal:

  • This Monday = de eerstvolgende maandag (als het zondag is, dan morgen)
  • Next Monday = de maandag daarna (een week later)

Dit kan per regio en context verschillen. Als je zekerheid wilt, voeg de datum toe: “Monday the 10th”, dan voorkom je misverstanden.

“On Monday” vs. “on Mondays”, eenmalig vs. regelmatig

In het Engels verwijst enkelvoud (on Monday) naar één specifieke maandag. Meervoud (on Mondays) verwijst naar iets dat regelmatig terugkomt. Nederlandse equivalenten: “op maandag” vs. “op maandagen”.


Culturele verschillen

🌍 Zondag of maandag, waar de week begint

In de Verenigde Staten en Canada begint de kalender op zondag. Dat verrast veel Europese immigranten en internationale studenten. Google Calendar verschilt standaard per land: in de VS zie je Sunday-start, in Nederland en in de meeste EU-landen zie je Monday-start. Als je in het Engels met een Amerikaan communiceert, is “weekend” voor hen ook zaterdag en zondag. Toch staat zondag in hun kalender als eerste dag, niet als laatste.

TGIF, Thank God It's Friday

TGIF (Thank God It's Friday, “Godzijdank, het is vrijdag”) is een van de bekendste culturele verwijzingen in het Engels. Sinds de jaren 1970 leeft het in de popcultuur. Het werd bijna een symbool van de Engelstalige werkcultuur. Je hoort het in films, series, kantoor-mails en op sociale media. De restaurantketen TGI Fridays gebruikt deze uitdrukking als naam.

Black Friday

Black Friday (Zwarte vrijdag) is de vrijdag na Thanksgiving in de VS. Het is elk jaar de grootste winkeldag in de Verenigde Staten. De term is nu wereldwijd bekend en veel webshops in Nederland gebruiken hem ook. Als je eind november Engelstalige advertenties bekijkt, zie je deze term zeker.

Weekdag in het Engels: weekday en workday

In het Nederlands kan “weekdag” zowel “niet-weekenddag” betekenen als “gewone dag”. In het Engels zijn weekday (weekdag, geen weekenddag) en workday (werkdag) twee net verschillende begrippen. Weekday is maandag tot vrijdag. Workday gaat vaker over de concrete werkdag of werktijd. Business day betekent specifiek dagen waarop bedrijven en kantoren open zijn.


Dagen in zinnen

De tabel hieronder laat zien hoe Engelse dagen in natuurlijke zinnen staan. Dit helpt met woordvolgorde en het gebruik van “on”.

NederlandsEngels
We spreken af op maandag.We're meeting on Monday.
Op woensdagen sport ik meestal.I usually work out on Wednesdays.
De winkel is dicht op zondag.The store is closed on Sunday.
Afgelopen donderdag ging ik naar de dokter.I went to the doctor last Thursday.
Volgende vrijdag reizen we.We're traveling next Friday.
In het weekend is er geen werk.There's no work on the weekend.
Ik werk maandag tot vrijdag.I work Monday to Friday.
Wat is het plan voor zaterdag?What's the plan for Saturday?

Uitspraakuitdagingen

Voor Nederlandstaligen geven de Engelse dagen vaak problemen op twee punten: de stille “d” in Wednesday en de /θ/-klank in Thursday.

💡 Wednesday en Thursday, de twee grootste valkuilen

Wednesday /ˈwɛnzdeɪ/: Zeg “WENZ-day”, nooit “WED-nez-day”. Vertrouw de letters niet. Als het helpt, onthoud: “Wen-z-day”, de “z”-klank helpt je erdoorheen.

Thursday /ˈθɜːrzdeɪ/: De “Th”-klank /θ/ is lastig voor veel Nederlandstaligen, omdat die klank niet in het Nederlands bestaat. Techniek: leg je tongpunt tegen je bovenste tanden en blaas lucht uit. Oefen stap voor stap: “th-th-Thursday.” Na een tijd gaat het vanzelf.

In het Engels eindigt elke dag op “-day”. Dat komt van het Oudengelse dæg (dag) en bleef in alle Germaanse talen. In het Duits is het -tag (Montag, Dienstag...), in het Nederlands -dag (maandag, dinsdag...), dezelfde wortel. Dit kan helpen bij het onthouden, als je andere Germaanse talen kent.

Uitspraakoverzicht van de dagen:

DagIPANederlandse uitspraak-hulp
Monday/ˈmʌndeɪ/MUN-dee
Tuesday/ˈtjuːzdeɪ/TYOOZ-dee
Wednesday/ˈwɛnzdeɪ/WENZ-dee (de 'd' is stil!)
Thursday/ˈθɜːrzdeɪ/THURZ-dee (tong tegen bovenste tanden)
Friday/ˈfraɪdeɪ/FRAI-dee
Saturday/ˈsætərdeɪ/SAT-ur-dee
Sunday/ˈsʌndeɪ/SUN-dee

Oefen met echte Engelse content

Je leert de dagen het best als je ze tegenkomt in echte Engelse content, films, series en podcasts, waar je ze in natuurlijke context hoort. Een personage zegt: “See you on Friday”, en je hoort meteen de uitspraak en begrijpt de zin.

Wordy laat je Engelse films en series kijken met interactieve ondertitels. Als een dagnaam voorkomt, tik je erop. Je ziet direct de spelling, de uitspraak in stukjes en de vertaling. Dit werkt beter dan los woordjes stampen, omdat je brein het woord aan context koppelt.

In onze aanbevelingen voor de beste Engelse films vind je titels die goed zijn voor alledaagse Engelse woordenschat, waaronder dagen, datums en het afspreken van roosters, via luisterbegrip.

Veelgestelde vragen

Hoe zeg je de dagen van de week in het Engels?
De dagen van de week in het Engels zijn: Monday (/ˈmʌndeɪ/), Tuesday (/ˈtjuːzdeɪ/), Wednesday (/ˈwɛnzdeɪ/), Thursday (/ˈθɜːrzdeɪ/), Friday (/ˈfraɪdeɪ/), Saturday (/ˈsætərdeɪ/), Sunday (/ˈsʌndeɪ/). Dit zijn de standaardvormen die je in gesprekken, school en op het werk gebruikt.
Hoe spreek je "Wednesday" correct uit in het Engels?
"Wednesday" spreek je uit als /ˈwɛnzdeɪ/, dus "WENZ-dee". De middelste letter "d" is stil en hoor je niet. Veel leerlingen zeggen foutief "wed-nez-day". De spelling komt uit het Oudengels "Wōdnesdæg", de dag van Woden of Odin.
Waarom heet woensdag in het Engels "Wednesday"?
"Wednesday" komt van het Oudengelse "Wōdnesdæg", de dag van Woden (Odin, een Germaanse god). De namen van de weekdagen combineren Germaanse goden met Latijnse planeetnamen: Monday maan, Tuesday Tyr, Wednesday Woden, Thursday Thor, Friday Frigg of Freya, Saturday Saturnus, Sunday zon.
Hoe kort je de dagen van de week af in het Engels?
Veelgebruikte afkortingen zijn: Mon, Tue of Tues, Wed, Thu of Thur, Fri, Sat, Sun. Je ziet ze vooral in agenda’s, roosters en e-mails. In formele contexten zijn deze afkortingen normaal, zolang de context duidelijk is en je consistent dezelfde stijl gebruikt.
Wanneer begint de week in het Engels, op maandag of zondag?
In veel Amerikaanse kalenders begint de week op zondag (Sunday), in Europa meestal op maandag (Monday). Dat kan verwarrend zijn voor taalleerders. "Weekday" betekent altijd maandag tot en met vrijdag, en "weekend" is zaterdag en zondag, zowel in Amerika als in Europa.

Bronnen en referenties

  1. Crystal, David (2019). The Cambridge Encyclopedia of the English Language. Cambridge University Press, 3e editie.
  2. Oxford English Dictionary (2025). oed.com, etymologieën van weekdagen.
  3. Merriam-Webster Dictionary (2026). merriam-webster.com.
  4. Ethnologue (2024). English: World Language Status, 27e editie.

Begin met leren met Wordy

Kijk echte filmclips en bouw je woordenschat op terwijl je kijkt. Gratis te downloaden.

Download in de App StoreDownloaden op Google PlayBeschikbaar in de Chrome Web Store

Meer taalgidsen