← Terug naar de blog
🇬🇧Engels

Dieren in het Engels: 50+ dierennamen met uitspraak en dierengeluiden

Door Sandor1 maart 20269 min leestijd

Snel antwoord

De basis dierennamen in het Engels: dog (hond), cat (kat), horse (paard), cow (koe), bird (vogel), fish (vis). Let op dierengeluiden in het Engels: een hond “barks” (blaft), een kat “meows” (miauwt), een koe “moos” (loeit). “Sheep” is ook in het meervoud “sheep”, een van de bekendste nulmeervouden.

Met dierennamen kom je bijna meteen in aanraking als je Engels leert, in kinderboeken, films, natuurdocumentaires en zelfs in spreekwoorden over het weer. Volgens Ethnologue-gegevens uit 2024 leren bijna 1,5 miljard mensen Engels of gebruiken het als tweede taal, en dierenvocabulaire is een van de eerste thema’s waar elk leerboek op terugkomt.

Twee dingen maken Engels dierenvocabulaire extra interessant. Het eerste zijn dierengeluiden: in het Engels heeft elk dier vaak een eigen werkwoord voor het geluid, een hond barks, een kat meows, een koe moos, een varken oinks. Je ziet deze werkwoorden vaak in echte moedertaalteksten, maar woordenboeken helpen hier minder. Het tweede is het systeem van onregelmatige meervouden: sheep is hetzelfde in enkelvoud en meervoud (one sheep, two sheep), er bestaat geen sheeps, hetzelfde geldt voor deer en voor de meeste betekenissen van fish.

"English animal vocabulary is particularly rich in onomatopoeia, words that imitate the sounds animals make. These vary significantly between languages, revealing how culturally constructed our perception of animal sounds really is."

(David Crystal, The Cambridge Encyclopedia of the English Language, Cambridge University Press, 2019)

Deze gids laat 50+ Engelse dierennamen zien per categorie, met uitspraak, het systeem van dierengeluiden en dier-idiomen die bij het dagelijks Engelstalige leven horen. Voor doorlopende en interactieve oefening ga je naar de Wordy-pagina om Engels te leren.


Huisdieren

Het woord pet is de algemene Engelse term voor een huisdier, in tegenstelling tot wild animal of farm animal. Ook binnen dit onderwerp zijn er kleine verschillen tussen Brits en Amerikaans Engels. In het Verenigd Koninkrijk noemen ze kleine parkietachtigen vaak budgerigar of budgie, in Amerikaans Engels heet hetzelfde dier meestal parakeet.

💡 Het gebruik van het woord „pet”

Het zelfstandig naamwoord pet betekent huisdier (I have two pets, ik heb twee huisdieren), maar je gebruikt het ook als bijvoeglijk woord: pet dog (huisdierhond), pet shop (dierenwinkel), pet name (koosnaam, letterlijk “huisdiernaam”). De uitdrukking It's my pet hate betekent juist het tegenovergestelde, iets wat iemand extra irritant vindt. Let dus op de context.

In Brits Engels noemen ze een landschildpad tortoise (/TOR-təs/) en een waterschildpad turtle (/TUR-tl/). In Amerikaans Engels is turtle het gebruikelijkst voor beide. Dit verschil is klein, maar belangrijk als je Britse content leest, zoals BBC-natuurdocumentaires en Britse kinderboeken.


Boerderijdieren

Boerderijdieren heten in het Engels farm animals. In deze groep vind je een bekende uitdaging in de Engelse morfologie: onregelmatige meervouden en het onderscheid tussen mannetje en vrouwtje. Volgens onderzoek van de British Council uit 2023 is het onregelmatige meervoud van sheep (sheep → sheep) een van de meest gemaakte fouten bij halfgevorderde leerlingen Engels.

Het onregelmatige meervoud sheepsheep is in het Engels een zogeheten zero plural, het enkelvoud en meervoud zijn gelijk. Dit geldt ook voor deerdeer en in de meeste gevallen voor fishfish. Daartegenover staat dat chicken een normaal meervoud heeft (chickens), maar in eetcontext is chicken als zelfstandig naamwoord ontelbaar: Would you like some chicken? (Wil je wat kip, dus kippenvlees).


Dierengeluiden in het Engels

Dierengeluiden zijn een van de duidelijkste gebieden waar talen sterk van elkaar verschillen. Het geluid van een hond is in het Nederlands “woef woef”, in het Engels woof of bark. Een koe zegt in het Nederlands “boe”, in het Engels moo. Een haan zegt in het Nederlands “kukeleku”, in het Engels cock-a-doodle-doo. Je kunt deze onomatopeeën niet vertalen, je moet ze leren.

🌍 Waarom verschillen dierengeluiden tussen talen?

De “vertaling” van dierengeluiden tussen talen is een leuk bewijs dat klanknabootsingen sterk cultureel bepaald zijn. Het geluid van een hond is in het Engels woof, in het Japans wan-wan, in het Frans ouaf-ouaf, in het Russisch gav-gav. Je brein verwerkt steeds hetzelfde echte geluid, maar elke cultuur codeert het anders in het eigen klanksysteem. Het Merriam-Webster-woordenboek behandelt dierengeluiden als een aparte lexicale categorie, dat laat zien hoe belangrijk ze zijn in het Engels.


Wilde dieren, Afrika en Azië

Namen van Afrikaanse en Aziatische wilde dieren hebben in het Engels vaak een Latijnse of Griekse oorsprong. Veel woorden lijken ook op Nederlandse vormen. elephant (/EL-ɪ-fənt/) komt van het Griekse elephas. rhinoceros (/raɪ-NOS-ər-əs/) betekent letterlijk “neushoorn” in het Grieks (rhino = neus, keras = hoorn). Deze etymologie helpt bij het onthouden.

De uitspraak van zebra is een van de opvallendste Brits-Amerikaanse verschillen bij dierennamen. Amerikanen zeggen ZEE-brə, Britten zeggen ZEB-rə, alsof het andere woorden zijn. Kijk je een BBC-natuurdocumentaire met David Attenborough, dan hoor je de Britse uitspraak. Kijk je een Amerikaanse kinderfilm, dan hoor je de Amerikaanse. Beide zijn goed, maar het is handig om het verschil te kennen.


Wilde dieren, Europa en Amerika

De woordenschat voor Europese en Noord-Amerikaanse wilde dieren is extra handig als je Engelstalige natuurdocumentaires kijkt of naar Engelstalige landen reist.

Er is een belangrijk verschil tussen hare en rabbit. hare (/hɛr/) is een haas, die groter is, langere oren heeft en in het wild leeft. rabbit (/RÆB-ɪt/) is een konijn, kleiner, met kortere oren, dat je ook als huisdier houdt en dat in groepen leeft. March Hare is bekend uit Lewis Carrolls Alice's Adventures in Wonderland, een haas die in maart wild en vreemd doet. rabbit ken je ook van rabbit hole, dat online wordt gebruikt voor het eindeloos wegzakken in informatie.


Zeedieren

De woordenschat voor dieren in oceanen en zeeën werd breed bekend door Engelse natuurdocumentaires, vooral de BBC-serie Blue Planet. Volgens gegevens van de IUCN Rode Lijst staat ongeveer een derde van de oceaansoorten onder een vorm van bedreiging, daarom zie je deze woorden steeds vaker in nieuws en milieuartikelen.

Over het meervoud van octopus is al decennia discussie in het Engels. Volgens Merriam-Webster is octopuses de volledig normale en aanbevolen vorm. octopi is een Latijnse schrijfwijze, die technisch op een verkeerde etymologie berust, omdat octopus Grieks is en geen Latijn. octopodes is Grieks gezien correct, maar bijna niemand gebruikt het. In dagelijks Engels is octopuses het meest gebruikelijk en de veiligste keuze.


Vogels

Vogels heten in het Engels birds. Engels is een van de talen waarin bird zowel “vogel” kan betekenen als, in sommige contexten, in informele Britse slang, “vrouw”. Dat laatste gebruik is de laatste decennia zeldzamer en minder geaccepteerd.

Het woord parrot heeft in het Engels ook een werkwoordbetekenis. to parrot betekent iets zonder begrip herhalen, als een papegaai napraten (She just parroted everything the teacher said, ze herhaalde letterlijk wat de docent zei). owl is een symbool van wijsheid en de nacht in zowel Britse als Amerikaanse folklore, van Hedwig uit Harry Potter tot het personage Owl in Winnie-the-Pooh.


Insecten en kleine dieren

Engels maakt onderscheid tussen insects (insecten, zespotige geleedpotigen) en bugs (een losser, informeler woord dat ook op insecten, spinnen en andere kleine dieren kan slaan). bug is informeler en breder. insect is wetenschappelijk preciezer.

💡 Ladybug (USA) vs ladybird (UK)

De naam van het lieveheersbeestje is een van de beste voorbeelden van een Brits-Amerikaans woordverschil. In de Verenigde Staten zegt men ladybug, in het Verenigd Koninkrijk ladybird, beide verwijzen naar hetzelfde felrode kevertje met zwarte stippen. Het voorvoegsel lady komt uit de link met de Maagd Maria, de rode kleur verwees in middeleeuws volksgeloof naar haar mantel. Het achtervoegsel bug of bird verschilt per regio. Kijk je een Britse BBC-documentaire, dan hoor je ladybird. Kijk je een Amerikaanse natuurfilm, dan hoor je ladybug.


Dier-idiomen in het Engels

Dier-idiomen vormen een van de productiefste woordvelden in het Engels. Volgens Cambridge Dictionary bevat het Engels meer dan 200 gangbare dier-idiomen in de omgangstaal, zonder die blijft natuurlijke moedertaaltekst, vooral journalistiek en literair Engels, vaak lastig te begrijpen.

„It's raining cats and dogs" Letterlijk: het regent katten en honden. Betekenis: het regent heel hard. De precieze oorsprong is onzeker, maar gaat terug tot de 17e eeuw. In een spreekwoordenverzameling uit 1651 staat het eerste bekende schriftelijke voorbeeld. The forecast says it's going to rain cats and dogs this weekend , volgens de voorspelling gaat het dit weekend stortregenen.

„The elephant in the room" Letterlijk: de olifant in de kamer. Betekenis: het duidelijke probleem of het ongemakkelijke feit dat iedereen kent, maar niemand benoemt. Nobody mentioned the budget cuts — it was the elephant in the room , niemand noemde de bezuinigingen, het was de olifant in de kamer.

„A wolf in sheep's clothing" Letterlijk: een wolf in schaapskleren. Betekenis: een gevaarlijk of slecht persoon die zich onschuldig voordoet. De uitdrukking komt uit de Bijbel (Matteüs 7:15). Be careful — he seems friendly, but he might be a wolf in sheep's clothing , wees voorzichtig, hij lijkt vriendelijk, maar hij kan een wolf in schaapskleren zijn.

„Birds of a feather (flock together)" Letterlijk: vogels van dezelfde veer (zwermen samen). Betekenis: gelijkgestemden zoeken elkaar op. Those two are always together — birds of a feather, I suppose , die twee zijn altijd samen, soort zoekt soort, denk ik.

„To let the cat out of the bag" Letterlijk: de kat uit de zak laten. Betekenis: per ongeluk een geheim verklappen. She let the cat out of the bag about the surprise party , ze verklapte het geheim over het verrassingsfeest.

„To kill two birds with one stone" Letterlijk: twee vogels doden met één steen. Betekenis: twee dingen in één keer doen. In het Nederlands bestaat een gelijkwaardige uitdrukking: “twee vliegen in één klap”. I'll stop by the post office on the way to the gym — kill two birds with one stone , ik ga onderweg naar de sportschool even langs het postkantoor, twee vliegen in één klap.


Oefen met echte Engelse content

Je leert dierenvocabulaire extra goed uit authentieke Engelse content. BBC-natuurdocumentaires zoals Planet Earth en Blue Planet, met de voice-over van David Attenborough, zijn een van de beste bronnen. Ze gebruiken natuurlijk en duidelijk uitgesproken Brits Engels, met veel dierennamen en bijbehorende woorden.

In de lijst met beste Engelse films en series vind je content waarin dierenvocabulaire, van huisdieren tot wilde dieren, in een natuurlijke context voorkomt. Animatiefilms (Finding Nemo, The Lion King, Zootopia) bieden basiswoordenschat. Natuurdocumentaires en documentaires bieden gevorderde woordenschat.

Wordy helpt je Engelse content te verwerken met interactieve ondertitels. Hoor je een diernaam en begrijp je die niet, dan zie je met één tik de uitspraak, betekenis en context. Zo leer je dierenvocabulaire uit echte Engelse zinnen, niet uit losse woordenlijsten.

Veelgestelde vragen

Hoe zeg je de belangrijkste huisdieren in het Engels?
Huisdieren in het Engels: dog (hond), cat (kat), fish (vis, aquariumvis), rabbit (konijn), hamster (hamster), guinea pig (cavia), parrot (papegaai), turtle (schildpad). Het woord “pet” betekent algemeen huisdier: “I have a pet dog” (Ik heb een huisdier, een hond).
Hoe zeg je dierengeluiden in het Engels?
Dierengeluiden in het Engels: hond barks/woofs (blaft), kat meows/purrs (miauwt/spint), koe moos (loeit), varken oinks (knort), paard neighs (hinnikt), schaap bleats (blaat), haan crows (kraait), kikker croaks (kwaakt). In het Engels bestaan er zowel werkwoorden als zelfstandige naamwoorden voor dierengeluiden.
Wat is het verschil tussen “sheep” en “lamb” in het Engels?
“Sheep” (/ʃiːp/) betekent het volwassen schaap, en enkelvoud en meervoud zijn hetzelfde, “one sheep, two sheep” (dus geen “sheeps”). “Lamb” (/læm/) betekent lam, een jong schaap, en in een restaurant of winkel verwijst “lamb” meestal naar het vlees.
Hoe zeg je mannetje en vrouwtje van wilde dieren in het Engels?
Enkele diergeslachten in het Engels: leeuw, lion (mannetje), lioness (vrouwtje). Wolf, wolf / she-wolf. Paard, stallion (hengst), mare (merrie), foal (veulen). Rund, bull (stier), cow (koe), calf (kalf). Kip, rooster/cock (haan), hen (kip), chick (kuiken).
Welke onregelmatige meervouden van dieren zijn er in het Engels?
Belangrijke onregelmatige meervouden: sheep → sheep (niet sheeps), fish → fish (meestal, maar “fishes” kan bij soorten), deer → deer (niet deers), moose → moose, buffalo → buffalo. Regelmatig: cats, dogs, horses, birds.

Bronnen en referenties

  1. Crystal, David (2019). The Cambridge Encyclopedia of the English Language. Cambridge University Press.
  2. Merriam-Webster Dictionary (2026). merriam-webster.com.
  3. Oxford English Dictionary (2025). oed.com, ingangen over dieren.
  4. British Council (2023). English Language Teaching: Global Research Report.

Begin met leren met Wordy

Kijk echte filmclips en bouw je woordenschat op terwijl je kijkt. Gratis te downloaden.

Download in de App StoreDownloaden op Google PlayBeschikbaar in de Chrome Web Store

Meer taalgidsen